De Rijksoverheid bracht onlangs in samenwerking met het Centraal Bureau voor de Statistiek de Monitor Kunstenaars en afgestudeerden aan creatieve opleidingen uit, een update van het onderzoek dat in 2011 werd uitgevoerd. Daarbij werd gekeken naar de positie van kunstenaars op de arbeidsmarkt en hoe het afgestudeerden aan creatieve opleidingen na hun afstuderen is vergaan. We hebben de belangrijkste conclusies op een rijtje gezet.

Allereerst valt op dat veel mensen die actief zijn als kunstenaar geen opleiding in die richting hebben gevolgd. In de periode 2010 – 2012 had maar liefst 40% van de kunstenaars geen kunstopleiding gevolgd. Van degenen die wel een kunstopleiding hebben gevolgd, gaat uiteindelijk een relatief laag percentage aan de slag als kunstenaar: slechts 25% wordt kunstenaar, 10% heeft een ander creatief beroep. In totaal waren er over de periode 2010 – 2012 gemiddeld genomen 119.000 kunstenaars in Nederland, waarvan 55% een ontwerpend beroep had, zoals vormgever.

Hoewel kunstopleidingen over het algemeen HBO-opleidingen zijn, verdienen afgestudeerde kunstenaars over het algemeen een stuk minder dan andere afgestudeerde HBO’ers. Ruim tweederde van de afgestudeerden verdient minder dan €30.000 per jaar, tegenover minder dan 50% van de HBO-afgestudeerden in het algemeen. Als we alle kunstenaars (dus ook kunstenaars zonder kunstopleiding) meenemen, verdient ruim de helft minder dan €30.000 per jaar, tegenover 40% gemiddeld. Met name kunstenaars in de beeldende beroepen hebben een laag inkomen: 90% van hen verdient minder dan €30.000 per jaar. De helft van hen verdient zelfs minder dan €10.000 per jaar.

Dat heeft onder andere te maken met het feit dat mensen door de economische crisis voor goedkopere vormen van kunst kiezen. Ze kunnen duurdere vormen van kunst niet meer betalen en kiezen daarom voor andere vormen van kunst, zoals canvas doeken met foto’s, omdat de prijzen hiervan vele malen lager liggen.

Deze ontwikkelingen zorgen ervoor dat kunstenaars vaker dan gemiddeld afhankelijk zijn van een ww uitkeringen. Deze komen 2 tot 3 keer zo vaak voor als gemiddeld. Bijstandsuitkeringen komen zelfs 5 tot 7 keer vaker voor dan gemiddeld. Het aandeel kunstenaars dat afhankelijk is van een uitkering is echter wel vrij stabiel, tussen de jaren 2005, 2008 en 2011 werden geen significante verschillen gevonden.

 

Tags: